33 Al-Ahzaab
بِسۡمِ اللّٰہِ الرَّحۡمٰنِ الرَّحِیۡمِ
In de naam van Allah, Ar-Rahmaan (de meest Barmhartige m.b.t. iedereen, maar tijdelijk van duur), Ar-Rahiem (Degenen Die altijd Barmhartig zal zijn voor de gelovigen)
یٰۤاَیُّہَا النَّبِیُّ اتَّقِ اللّٰہَ وَ لَا تُطِعِ الۡکٰفِرِیۡنَ وَ الۡمُنٰفِقِیۡنَ ؕ اِنَّ اللّٰہَ کَانَ عَلِیۡمًا حَکِیۡمًا ۙ﴿۱﴾
Yaa aiyoehan Nabieyyoet taqiel laaha wa laa toetie'iel kaafierieena wal moenaafieqieen; iennal laaha kaana 'alieeman Hakieemaa
33:1 O Profeet! Vrees Allah en wees niet gehoorzaam aan de ongelovigen en de hypocrieten. Voorzeker, Allah is Aliem (Alwetend), Hakiem (Alwijs).

وَّ اتَّبِعۡ مَا یُوۡحٰۤی اِلَیۡکَ مِنۡ رَّبِّکَ ؕ اِنَّ اللّٰہَ کَانَ بِمَا تَعۡمَلُوۡنَ خَبِیۡرًا ۙ﴿۲﴾
Wattabie' maa yoehaaa ielaika mier Rabbiek; iennal laaha kaana biemaa ta'maloena ghabieera
33:2 Volg datgeen wat van jouw Heer aan jou is geopenbaard. Voorzeker, Allah is bekend over datgeen wat jullie doen.

وَّ تَوَکَّلۡ عَلَی اللّٰہِ ؕ وَ کَفٰی بِاللّٰہِ وَکِیۡلًا ﴿۳﴾
Wa tawakkal 'alal laah; wa kafaa biellaahie Wakieelaa
33:3 Stel jouw vertrouwen in Allah. Allah alleen is voldoende als 'Wakeel' (Degene aan wie alle zaken toevertrouwd kan worden. Hij is de ultieme Trustee, Voogd en Beheerder van alle zaken en biedt voor elke kwestie de perfecte oplossing.)

مَا جَعَلَ اللّٰہُ لِرَجُلٍ مِّنۡ قَلۡبَیۡنِ فِیۡ جَوۡفِہٖ ۚ وَ مَا جَعَلَ اَزۡوَاجَکُمُ الِّٰٓیۡٔ تُظٰہِرُوۡنَ مِنۡہُنَّ اُمَّہٰتِکُمۡ ۚ وَ مَا جَعَلَ اَدۡعِیَآءَکُمۡ اَبۡنَآءَکُمۡ ؕ ذٰلِکُمۡ قَوۡلُکُمۡ بِاَفۡوَاہِکُمۡ ؕ وَ اللّٰہُ یَقُوۡلُ الۡحَقَّ وَ ہُوَ یَہۡدِی السَّبِیۡلَ ﴿۴﴾
Maa dja'alal laahoe lieradjoeliem mien qalbainie fiee djawfieh; wa maa dja'ala azwaadjakoemoel laaa'iee toezaahieroena mienhoenna oemmahaatiekoem; wa maa dja'ala ad'ieyaaa'akoem abnaaa'akoem; zaaliekoem qawloekoem bie afwaa hiekoem wallaahoe yaqoeloel haqqa wa Hoewa yahdies sabieel
33:4 Allah heeft voor geen enkel mens twee harten in zijn binnenste gemaakt. Noch heeft Hij jullie vrouwen, waarvan jullie zeggen dat ze net als de ruggen van jullie moeder zijn (een uitdrukken dat ze niet wettig zijn voor geslachtsgemeenschap), als jullie moeders gemaakt. Noch heeft Hij jullie geadopteerde zonen als jullie zonen gemaakt. Dit zijn alleen woorden uit jullie monden. En Allah spreekt de waarheid, Hij leidt naar het rechte pad. (Notitie: profeet Mohammed v.z.m.h. hield veel van zijn geadopteerde zoon, Zaid, zoveel dat hij hem zelfs zoon noemde.)

اُدۡعُوۡہُمۡ لِاٰبَآئِہِمۡ ہُوَ اَقۡسَطُ عِنۡدَ اللّٰہِ ۚ فَاِنۡ لَّمۡ تَعۡلَمُوۡۤا اٰبَآءَہُمۡ فَاِخۡوَانُکُمۡ فِی الدِّیۡنِ وَ مَوَالِیۡکُمۡ ؕ وَ لَیۡسَ عَلَیۡکُمۡ جُنَاحٌ فِیۡمَاۤ اَخۡطَاۡتُمۡ بِہٖ ۙ وَ لٰکِنۡ مَّا تَعَمَّدَتۡ قُلُوۡبُکُمۡ ؕ وَ کَانَ اللّٰہُ غَفُوۡرًا رَّحِیۡمًا ﴿۵﴾
Oed'oehoem lie aabaaa'iehiem hoewa aqsatoe 'iendal laah; fa iellam ta'lamoeo aabaaa'ahoem fa ieghwaanoekoem fied dieenie wa mawaalieekoem; wa laisa 'alaikoem djoenaahoen fieemaaa aghtaatoem biehiee wa laakiem maa ta'ammadat qoeloeboekoem; wa kaanal laahoe Ghafoerar Rahieemaa
33:5 Noem hen (de geadopteerde kinderen) bij de namen van hun vaders. Dat is meer rechtvaardiger bij Allah. Maar als jullie hun vaders niet kennen, dan zijn het jullie broeders van 'Dien' (geloof/religie) en mensen waarover jullie gezag hebben. Echter, er rust geen schuld op jullie als jullie een fout hebben gemaakt. Echter, (er rust wel een schuld op jullie) als jullie hen roepen met de intentie (om hen te vernederen) die jullie in de harten hebben. Allah is Al-Gafoer (de meest Vergevensgezinde), Ar-Rahiem (zeer Barmhartig naar de gelovigen toe).

اَلنَّبِیُّ اَوۡلٰی بِالۡمُؤۡمِنِیۡنَ مِنۡ اَنۡفُسِہِمۡ وَ اَزۡوَاجُہٗۤ اُمَّہٰتُہُمۡ ؕ وَ اُولُوا الۡاَرۡحَامِ بَعۡضُہُمۡ اَوۡلٰی بِبَعۡضٍ فِیۡ کِتٰبِ اللّٰہِ مِنَ الۡمُؤۡمِنِیۡنَ وَ الۡمُہٰجِرِیۡنَ اِلَّاۤ اَنۡ تَفۡعَلُوۡۤا اِلٰۤی اَوۡلِیٰٓئِکُمۡ مَّعۡرُوۡفًا ؕ کَانَ ذٰلِکَ فِی الۡکِتٰبِ مَسۡطُوۡرًا ﴿۶﴾
An-Nabieyyoe awlaa biel moe'mienieena mien anfoesiehiem wa azwaadjoehoe oemmahatoehoem wa oeloel arhaamie ba'doehoem awlaa bieba'dien fiee Kietaabiel laahie mienal moe'menieena wal Moehaadjierieena iellaaa an taf'aloeo ielaaa awlieyaaa'iekoem ma'roefaa; kaana zaalieka fiel kietaabie mastoeraa
33:6 De profeet heeft (op basis van relaties en recht) een grotere aanspraak op de gelovigen dan dat zij het op henzelf hebben. Zijn vrouwen zijn (op basis van relaties als) hun moeders. Volgens de bepaling van Allah, staan de bloedverwanten dichter tot elkaar op basis van relaties, sommige meer dan de anderen (zie 4:11-13), dan (de broederschap van) de gelovigen en de 'Muhajirien' (de emigranten die van Mekka naar Medina emigreesrde). Het is alleen de vriendelijkheid die jullie als vrienden aan elkaar tonen. Dat staat vastgesteld (als wet) in het boek (Lawh Al-Mahfuz). (Notitie: zie ook 9:120)

وَ اِذۡ اَخَذۡنَا مِنَ النَّبِیّٖنَ مِیۡثَاقَہُمۡ وَ مِنۡکَ وَ مِنۡ نُّوۡحٍ وَّ اِبۡرٰہِیۡمَ وَ مُوۡسٰی وَ عِیۡسَی ابۡنِ مَرۡیَمَ ۪ وَ اَخَذۡنَا مِنۡہُمۡ مِّیۡثَاقًا غَلِیۡظًا ۙ﴿۷﴾
Wa iez aghaznaa mienan Nabieyyieena mieesaaqahoem wa mien-ka wa mien Noehiew wa Ibraahieema wa Moesaa wa Eesab-nie-Maryama wa aghaznaa mienhoem mieesaaqan ghalieezaa
33:7 En (gedenk) toen Wij het verbond van de profeten accepteerden, (dus) van jou (Mohammed v.z.m.h.), van Noeh, Ibrahiem, Moesa en Isa zoon van Maryam. Wij sloten een krachtig verbond met hen.

لِّیَسۡـَٔلَ الصّٰدِقِیۡنَ عَنۡ صِدۡقِہِمۡ ۚ وَ اَعَدَّ لِلۡکٰفِرِیۡنَ عَذَابًا اَلِیۡمًا ٪﴿۸﴾
Lieyas'alas saadieqieena 'an siedqiehiem; wa a'adda lielkaa fierieena 'azaaban alieemaa
33:8 Zodat Hij de mensen die streven naar de waarheid, over hun (verkondiging van de) waarheid kan ondervragen. (Wat betreft de ongelovigen,) Hij heeft voor de ongelovigen een pijnlijke straf klaar gezet.

یٰۤاَیُّہَا الَّذِیۡنَ اٰمَنُوا اذۡکُرُوۡا نِعۡمَۃَ اللّٰہِ عَلَیۡکُمۡ اِذۡ جَآءَتۡکُمۡ جُنُوۡدٌ فَاَرۡسَلۡنَا عَلَیۡہِمۡ رِیۡحًا وَّ جُنُوۡدًا لَّمۡ تَرَوۡہَا ؕ وَ کَانَ اللّٰہُ بِمَا تَعۡمَلُوۡنَ بَصِیۡرًا ۚ﴿۹﴾
Yaaa aiyoehal lazieena aamanoez koeroe nie'matal laahie 'alaikoem iez djaaa'atkoem djoenoedoen fa arsalnaa 'alaihiem rieehaw wa djoenoedal lam tarawhaa; wa kaanal laahoe biemaa ta'maloena Basieera
33:9 O gelovigen! Gedenk de gunsten van Allah die Hij op jullie heeft geschonken, toen er legers tegen jullie kwamen. Wij zonden een wind en legers (van engelen) tegen hen, die jullie niet konden zien. Allah is Alziende over datgeen wat jullie doen.

اِذۡ جَآءُوۡکُمۡ مِّنۡ فَوۡقِکُمۡ وَ مِنۡ اَسۡفَلَ مِنۡکُمۡ وَ اِذۡ زَاغَتِ الۡاَبۡصَارُ وَ بَلَغَتِ الۡقُلُوۡبُ الۡحَنَاجِرَ وَ تَظُنُّوۡنَ بِاللّٰہِ الظُّنُوۡنَا ﴿۰۱﴾
Iz djaaa'oekoem mien fawqiekoem wa mien asfala mien-koem wa iez zaaghatiel absaaroe wa balaghatiel qoeloeboel hanaadjiera wa tazoennoena biellaahiez zoenoenaa
33:10 (Gedenk het moment) Toen ze van boven en van beneden op jullie afkwamen. De ogen waren angstig, de harten klopten in de keel, en jullie hadden twijfels over (de belofte van) Allah.

ہُنَالِکَ ابۡتُلِیَ الۡمُؤۡمِنُوۡنَ وَ زُلۡزِلُوۡا زِلۡزَالًا شَدِیۡدًا ﴿۱۱﴾
Hoenaaliekab toelieyal moe'mienoena wa zoelzieloe zielzaalan shadieedaa
33:11 Daar (op dat moment), werden de gelovigen beproefd en hard (door elkaar) geschud.

وَ اِذۡ یَقُوۡلُ الۡمُنٰفِقُوۡنَ وَ الَّذِیۡنَ فِیۡ قُلُوۡبِہِمۡ مَّرَضٌ مَّا وَعَدَنَا اللّٰہُ وَ رَسُوۡلُہٗۤ اِلَّا غُرُوۡرًا ﴿۲۱﴾
Wa iez yaqoeloel moenaafieqoena wallazieena fiee qoeloebiehiem maradoem maa wa'adanal laahoe wa Rasoeloehoeo iellaa ghoeroeraa
33:12 De hypocrieten en degenen met een ziekte in het hart, zeiden toen: "Allah heeft ons en Zijn boodschapper alleen maar waanvoorstellingen\fantasie beloofd."

وَ اِذۡ قَالَتۡ طَّآئِفَۃٌ مِّنۡہُمۡ یٰۤاَہۡلَ یَثۡرِبَ لَا مُقَامَ لَکُمۡ فَارۡجِعُوۡا ۚ وَ یَسۡتَاۡذِنُ فَرِیۡقٌ مِّنۡہُمُ النَّبِیَّ یَقُوۡلُوۡنَ اِنَّ بُیُوۡتَنَا عَوۡرَۃٌ ؕۛ وَ مَا ہِیَ بِعَوۡرَۃٍ ۚۛ اِنۡ یُّرِیۡدُوۡنَ اِلَّا فِرَارًا ﴿۳۱﴾
Wa iez qaalat taaa'iefatoem mienhoem yaaa ahla Yasrieba laa moeqaamaa lakoem fardjie'oe; wa yastaazienoe farieeqoem mienhoemoen Nabieyya yaqoeloena ienna boeyoetanaa 'awrah; wa maa hieya bie'awratien iey yoerieedoena iellaa fieraaraa
33:13 Een groep (hypocrieten) zei toen: "O mensen van Yatrib (huidige Medina)! Er is voor jullie geen (aanvals\verdedigings) positie mogelijk, dus keer terug!" Een groep vroeg aan de profeet om toestemming (voor het terugkeren), zeggende: "Voorzeker, onze huizen zijn onbeschut (tegen gevaar)", terwijl ze (de huizen) niet bloot gesteld waren aan gevaar. Ze wilden alleen maar vluchten.

وَ لَوۡ دُخِلَتۡ عَلَیۡہِمۡ مِّنۡ اَقۡطَارِہَا ثُمَّ سُئِلُوا الۡفِتۡنَۃَ لَاٰتَوۡہَا وَ مَا تَلَبَّثُوۡا بِہَاۤ اِلَّا یَسِیۡرًا ﴿۴۱﴾
wa law doeghielat 'alaihiem mien aqtaariehaa soemma soe'ieloel fietnata la aatawhaa wa maa talabbasoe biehaaa iellaa yasieeraa
33:14 En als het (Yatrib) (door de vijand) vanuit alle kanten binnen was gedrongen, en vervolgens werden ze gedwongen tot het begaan van verraad (het accepteren van polytheïsme), dan hadden ze het zeker gedaan/geaccepteerd zonder al te veel erover te twijfelen.

وَ لَقَدۡ کَانُوۡا عَاہَدُوا اللّٰہَ مِنۡ قَبۡلُ لَا یُوَلُّوۡنَ الۡاَدۡبَارَ ؕ وَ کَانَ عَہۡدُ اللّٰہِ مَسۡـُٔوۡلًا ﴿۵۱﴾
Wa laqad kaanoe 'aahadoel laaha mien qabloe laa yoewal loenal adbaar; wa kaana 'ahdoel laahie mas'oelaa
33:15 Waarlijk zij hadden eerder beloofd aan Allah, dat ze niet hun ruggen zouden keren (niet zouden vluchten). (Weet dat) Over de belofte die gedaan is aan Allah, zal worden ondervraagd.

قُلۡ لَّنۡ یَّنۡفَعَکُمُ الۡفِرَارُ اِنۡ فَرَرۡتُمۡ مِّنَ الۡمَوۡتِ اَوِ الۡقَتۡلِ وَ اِذًا لَّا تُمَتَّعُوۡنَ اِلَّا قَلِیۡلًا ﴿۶۱﴾
Qoel lay yanfa'akoemoel fieraaroe ien farartoem mienal mawtie awiel qatlie wa iezal laa toematta'oena iellaa qalieelaa
33:16 Zeg (Mohammed v.z.m.h.): "Nooit zal het vluchten jullie voordeel bieden. Als jullie vluchten voor de dood of het gevecht, dan zullen jullie alleen maar een beetje kunnen genieten." (Notitie: de dood is vastgesteld voor iedereen, zie 3:145.)

قُلۡ مَنۡ ذَا الَّذِیۡ یَعۡصِمُکُمۡ مِّنَ اللّٰہِ اِنۡ اَرَادَ بِکُمۡ سُوۡٓءًا اَوۡ اَرَادَ بِکُمۡ رَحۡمَۃً ؕ وَ لَا یَجِدُوۡنَ لَہُمۡ مِّنۡ دُوۡنِ اللّٰہِ وَلِیًّا وَّ لَا نَصِیۡرًا ﴿۷۱﴾
Qoel man zal laziee ya'siemoekoem mienal laahie ien araada biekoem soeo'an aw araada biekoem rahmah; wa laa yadjiedoena lahoem mien doeniel laahie walieyyaw wa laa nasieeraa
33:17 Zeg: "Wie kan jullie beschermen tegen Allah indien Hij kwaad tegen jullie wil of (wie kan Hem tegenhouden) indien Hij barmhartigheid voor jullie wil? Ze zullen naast Allah, voor hunzelf niet in staat zijn om een beschermer, noch helper te vinden.

قَدۡ یَعۡلَمُ اللّٰہُ الۡمُعَوِّقِیۡنَ مِنۡکُمۡ وَ الۡقَآئِلِیۡنَ لِاِخۡوَانِہِمۡ ہَلُمَّ اِلَیۡنَا ۚ وَ لَا یَاۡتُوۡنَ الۡبَاۡسَ اِلَّا قَلِیۡلًا ﴿۸۱﴾
Qad ya'lamoel laahoel moe'awwieqieena mien-koem walqaaa'ielieena lie ieghwaaniehiem haloemma ielainaa, wa laa yaatoenal baasa iellaa qalieelaa
33:18 Waarlijk, Allah kent degenen onder jullie die tegenwerken (voor het deelnemen aan het gevecht) en (ook) degenen (hypocrieten) die tegen hun broeders zeggen: "Kom met ons mee", terwijl ze zelf alleen maar een klein beetje deelnemen aan het gevecht. (Notitie: zie ook 3:156.)

اَشِحَّۃً عَلَیۡکُمۡ ۚۖ فَاِذَا جَآءَ الۡخَوۡفُ رَاَیۡتَہُمۡ یَنۡظُرُوۡنَ اِلَیۡکَ تَدُوۡرُ اَعۡیُنُہُمۡ کَالَّذِیۡ یُغۡشٰی عَلَیۡہِ مِنَ الۡمَوۡتِ ۚ فَاِذَا ذَہَبَ الۡخَوۡفُ سَلَقُوۡکُمۡ بِاَلۡسِنَۃٍ حِدَادٍ اَشِحَّۃً عَلَی الۡخَیۡرِ ؕ اُولٰٓئِکَ لَمۡ یُؤۡمِنُوۡا فَاَحۡبَطَ اللّٰہُ اَعۡمَالَہُمۡ ؕ وَ کَانَ ذٰلِکَ عَلَی اللّٰہِ یَسِیۡرًا ﴿۹۱﴾
Ashiehhatan 'alaikoem faizaa djaaa'al ghawfoe ra aytahoem yanzoeroena ielaika tadoeroe a'yoenoehoem kallaziee yoeghshaa 'alaihie mienal mawtie fa iezaa zahabal ghawfoe salqoekoem bie alsienatien hiedaadien ashiehhatan 'alal ghayr; oelaaa'ieka lam yoe'mienoe fa ahbatal laahoe a'maalahoem; wa kaana zaalieka 'alal laahie yasieeraa
33:19 Zij zijn afhoudend en gierig naar jullie toe. Echter, wanneer de angst (van het strijden) komt, dan zie je hen naar jullie kijken (vragend om hulp) met draaiende ogen net als degenen die flauwvalt voor de dood. Maar wanneer de angst weg is, dan stoten ze jullie af met scherpe woorden vanwege de gierigheid voor het goede (zoals de oorlogsbuit). Dat zijn degenen die niet geloven. Allah heeft dus hun daden waardeloos gemaakt. Dat is voor Allah makkelijk.

یَحۡسَبُوۡنَ الۡاَحۡزَابَ لَمۡ یَذۡہَبُوۡا ۚ وَ اِنۡ یَّاۡتِ الۡاَحۡزَابُ یَوَدُّوۡا لَوۡ اَنَّہُمۡ بَادُوۡنَ فِی الۡاَعۡرَابِ یَسۡاَلُوۡنَ عَنۡ اَنۡۢبَآئِکُمۡ ؕ وَ لَوۡ کَانُوۡا فِیۡکُمۡ مَّا قٰتَلُوۡۤا اِلَّا قَلِیۡلًا ﴿۰۲﴾
Yahsaboenal Ahzaaba lam yazhaboe wa iey yaatiel Ahzaaboe yawaddoe law annahoem baadoena fiel A'raabie yasaloena 'an ambaaa'iekoem wa law kaanoe fieekoem maa qaataloeo iellaa qalieela
33:20 Ze denken (na de overwinning) dat de tegenpartij (het leger van de polytheïsten dat gekomen was vanuit Mekka) zich niet (volledig) terug heeft getrokken. En als de tegenpartij zou terugkomen, dan zouden ze (vluchten en) wensen dat ze in de woestijn leefden tussen de bedoeïenen, vragend naar nieuws over jullie. En indien ze (niet vluchten en dus) onder jullie bevinden (tijdens een tegen aanval) dan zouden ze alleen maar een klein beetje vechten.

لَقَدۡ کَانَ لَکُمۡ فِیۡ رَسُوۡلِ اللّٰہِ اُسۡوَۃٌ حَسَنَۃٌ لِّمَنۡ کَانَ یَرۡجُوا اللّٰہَ وَ الۡیَوۡمَ الۡاٰخِرَ وَ ذَکَرَ اللّٰہَ کَثِیۡرًا ﴿۱۲﴾
Laqad kaana lakoem fiee Rasoeliel laahie oeswatoen hasanatoel lieman kaana yardjoel laaha wal yawmal Aaghiera wa zakaral laaha kasieeraa
33:21 Waarlijk, de boodschapper van Allah is een uitstekend voorbeeld voor degene die verlangt naar Allah en (naar de beloning op) de laatste dag en die Allah vaak gedenkt.

وَ لَمَّا رَاَ الۡمُؤۡمِنُوۡنَ الۡاَحۡزَابَ ۙ قَالُوۡا ہٰذَا مَا وَعَدَنَا اللّٰہُ وَ رَسُوۡلُہٗ وَ صَدَقَ اللّٰہُ وَ رَسُوۡلُہٗ ۫ وَ مَا زَادَہُمۡ اِلَّاۤ اِیۡمَانًا وَّ تَسۡلِیۡمًا ﴿۲۲﴾
Wa lammaa ra al moe'mienoenal Ahzaaba qaaloe haazaa maa wa'adanal laahoe wa Rasoeloeh; wa sadaqal laahoe wa Rasoeloeh; wa maa zaadahoem iellaaa ieemaanaw wa taslieemaa
33:22 En toen de gelovigen de tegenpartij (het leger van de polytheïsten) zagen, zeiden ze: "Dit is wat Allah en Zijn boodschapper ons heeft beloofd. Allah en Zijn boodschapper spraken de waarheid." Het deed hen toenemen in geloof en onderwerping (aan Allah).

مِنَ الۡمُؤۡمِنِیۡنَ رِجَالٌ صَدَقُوۡا مَا عَاہَدُوا اللّٰہَ عَلَیۡہِ ۚ فَمِنۡہُمۡ مَّنۡ قَضٰی نَحۡبَہٗ وَ مِنۡہُمۡ مَّنۡ یَّنۡتَظِرُ ۫ۖ وَ مَا بَدَّلُوۡا تَبۡدِیۡلًا ﴿۳۲﴾
Mienal moe'mienieena riedjaaloen sadaqoe maa 'aahadoel laaha 'alaihie famienhoem man qadaa nahbahoe wa mienhoem may yantazieroe wa maa baddaloe tabdieelaa
33:23 Onder de gelovigen zijn er mannen die het verbond met Allah trouw blijven. Van hen zijn er die hun trouwheid (tot aan de dood) hebben bewezen en andere die nog wachten (op de dood/martelaarschap), echter ze veranderen in geen enkel opzichte (van intentie/gedrag en blijven trouw aan Allah).

لِّیَجۡزِیَ اللّٰہُ الصّٰدِقِیۡنَ بِصِدۡقِہِمۡ وَ یُعَذِّبَ الۡمُنٰفِقِیۡنَ اِنۡ شَآءَ اَوۡ یَتُوۡبَ عَلَیۡہِمۡ ؕ اِنَّ اللّٰہَ کَانَ غَفُوۡرًا رَّحِیۡمًا ﴿۴۲﴾
Lie yadjzieyal aahoes saadieqieena biesiedqiehiem wa yoe'azziebal moenaafieqieena ien shaaa'a aw yatoeba 'alaihiem; iennal laaha kaana Ghafoerar Rahieemaa
33:24 Zodat Allah degenen die oprecht zijn, beloont voor hun oprechtheid (m.b.t. het verbond met Allah) en de hypocrieten straft als Hij het wil of hen genadigt. Voorzeker, Allah is Al-Gafoer de (meest Vergevensgezinde), Ar-Rahiem (zeer Barmhartig naar gelovigen toe).

وَ رَدَّ اللّٰہُ الَّذِیۡنَ کَفَرُوۡا بِغَیۡظِہِمۡ لَمۡ یَنَالُوۡا خَیۡرًا ؕ وَ کَفَی اللّٰہُ الۡمُؤۡمِنِیۡنَ الۡقِتَالَ ؕ وَ کَانَ اللّٰہُ قَوِیًّا عَزِیۡزًا ﴿۵۲﴾
Wa raddal laahoel lazieena kafaroe bieghaiziehiem lam yanaaloe ghairaa; wa kafal laahoel moe'mienieenal qietaal; wa kaanal laahoe Qawieyyan 'Azieezaa
33:25 En Allah stuurde de ongelovigen met lege handen terug, hun harten ziedend van woede. Allah is voldoende (als enige helper) voor de gelovigen tijdens de strijd. Allah is Al-Qawiy (Degene Die boven alle beperkingen staat. Zijn kracht is oppermachtig, onbeperkt en onuitputtelijk), Al-Aziz (de Almachtige).

وَ اَنۡزَلَ الَّذِیۡنَ ظَاہَرُوۡہُمۡ مِّنۡ اَہۡلِ الۡکِتٰبِ مِنۡ صَیَاصِیۡہِمۡ وَ قَذَفَ فِیۡ قُلُوۡبِہِمُ الرُّعۡبَ فَرِیۡقًا تَقۡتُلُوۡنَ وَ تَاۡسِرُوۡنَ فَرِیۡقًا ﴿۶۲﴾
Wa anzalal lazieena zaaha roehoem mien Ahliel Kietaabie mien sa yaasieehiem wa qazafa fiee qoeloebiehiemm moer roe'ba farieeqan taqtoeloena wa taasieroena farieeqaaa
33:26 Hij deed de mensen van het boek (de Joden\christenen) die hen (de ongelovigen) ondersteunden (tijdens het gevecht), afdalen uit hun forten\bouwwerken die gebouwd waren ter verdediging en wierp angst in hun harten. Jullie doodde een groep (van hen) en een andere groep namen jullie gevangen. (Notitie: zie ook 59:2)

وَ اَوۡرَثَکُمۡ اَرۡضَہُمۡ وَ دِیَارَہُمۡ وَ اَمۡوَالَہُمۡ وَ اَرۡضًا لَّمۡ تَطَـُٔوۡہَا ؕ وَ کَانَ اللّٰہُ عَلٰی کُلِّ شَیۡءٍ قَدِیۡرًا ﴿۷۲﴾
Wa awrasakoem ardahoem wa dieyaarahoem wa amwaalahoem wa ardal lam tata'oehaa; wa kaanal laahoe 'alaa koellie shai'ien Qadieeraa
33:27 Hij (Allah) liet jullie hun land, hun huizen, hun eigendommen en een land dat jullie nog niet betreden hadden, erven. Allah is Almachtig op elk gebied.

یٰۤاَیُّہَا النَّبِیُّ قُلۡ لِّاَزۡوَاجِکَ اِنۡ کُنۡـتُنَّ تُرِدۡنَ الۡحَیٰوۃَ الدُّنۡیَا وَ زِیۡنَتَہَا فَتَعَالَیۡنَ اُمَتِّعۡکُنَّ وَ اُسَرِّحۡکُنَّ سَرَاحًا جَمِیۡلًا ﴿۸۲﴾
Yaaa aiyoehan Nabieyyoe qoel lie azwaadjieka ien koentoenna toeriednal hayaatad doenyaa wa zieenatahaa fata'aalaina oemattie'koenna wa oesarriehkoenna saraahan djamieela
33:28 O profeet! Zeg tegen jouw echtgenotes: "Als jullie het wereldse leven en zijn versieringen wensen, kom dan, ik zal jullie ervan verschaffen en jullie vrij laten op een goede\eervolle\mooie manier."

وَ اِنۡ کُنۡـتُنَّ تُرِدۡنَ اللّٰہَ وَ رَسُوۡلَہٗ وَ الدَّارَ الۡاٰخِرَۃَ فَاِنَّ اللّٰہَ اَعَدَّ لِلۡمُحۡسِنٰتِ مِنۡکُنَّ اَجۡرًا عَظِیۡمًا ﴿۹۲﴾
Wa ien koentoenna toeriednal laaha wa Rasoelahoe wad Daaral Aaghierata fa iennal laaha a'adda liel moehsienaatie mien koenna adjdjran 'azieemaa
33:29 "Maar als jullie (het aangezicht van) Allah, (de tevredenheid van) Zijn boodschapper en (de beloning van) het huis in het Hiernamaals wensen, voorzeker, (weet dan dat) Allah voor jullie (echtgenotes van de profeet v.z.m.) die goed doen een zeer grote beloning heeft klaar gezet."

یٰنِسَآءَ النَّبِیِّ مَنۡ یَّاۡتِ مِنۡکُنَّ بِفَاحِشَۃٍ مُّبَیِّنَۃٍ یُّضٰعَفۡ لَہَا الۡعَذَابُ ضِعۡفَیۡنِ ؕ وَ کَانَ ذٰلِکَ عَلَی اللّٰہِ یَسِیۡرًا ﴿۰۳﴾
Yaa niesaaa'an Nabieyyie may yaatie mien-koenna biefaa hieshatiem moebaiyienatiey yoedaa'af lahal 'azaaboe die'fain wa kaana zaalieka 'alal laahie yasieera (21)
33:30 O echtgenotes van de profeet (Mohammed v.z.m.h.)! Wie van jullie een duidelijke zedeloosheid begaat, dan zal de straf voor haar verdubbeld worden. Dat is voor Allah makkelijk.

وَ مَنۡ یَّقۡنُتۡ مِنۡکُنَّ لِلّٰہِ وَ رَسُوۡلِہٖ وَ تَعۡمَلۡ صَالِحًا نُّؤۡتِہَاۤ اَجۡرَہَا مَرَّتَیۡنِ ۙ وَ اَعۡتَدۡنَا لَہَا رِزۡقًا کَرِیۡمًا ﴿۱۳﴾
Wa may yaqnoet mien-koenna liellaahie wa Rasoeliehiee wa ta'mal saaliehan noe'tiehaaa adjrahaa marrataynie wa a'tadnaa lahaa riezqan karieema
33:31 Wie van jullie gehoorzaam is aan Allah en Zijn boodschapper en goede daden verricht, dan zullen Wij haar beloning verdubbelen. Wij hebben voor haar een eervolle beloning klaar gezet.

یٰنِسَآءَ النَّبِیِّ لَسۡتُنَّ کَاَحَدٍ مِّنَ النِّسَآءِ اِنِ اتَّقَیۡتُنَّ فَلَا تَخۡضَعۡنَ بِالۡقَوۡلِ فَیَطۡمَعَ الَّذِیۡ فِیۡ قَلۡبِہٖ مَرَضٌ وَّ قُلۡنَ قَوۡلًا مَّعۡرُوۡفًا ﴿۲۳﴾
Yaa niesaaa'an Nabieyyie lastoenna ka ahadiem mienan niesaaa'ie ieniet taqaitoenna falaa taghda'na bielqawlie fa yatma'al laziee fiee qalbiehiee maradoew wa qoelna qawlam ma'roefaa
33:32 O echtgenotes van de profeet (Mohammed v.z.m.h.)! Jullie zijn niet zoals andere vrouwen (m.b.t. relaties tot anderen). Als jullie (Allah) vrezen, wees dan niet zacht\teder in spraak, zodat degene met een ziekte (van verliefdheid) in zijn hart verlangens krijgt, maar zeg een gepast woord.

وَ قَرۡنَ فِیۡ بُیُوۡتِکُنَّ وَ لَا تَبَرَّجۡنَ تَبَرُّجَ الۡجَاہِلِیَّۃِ الۡاُوۡلٰی وَ اَقِمۡنَ الصَّلٰوۃَ وَ اٰتِیۡنَ الزَّکٰوۃَ وَ اَطِعۡنَ اللّٰہَ وَ رَسُوۡلَہٗ ؕ اِنَّمَا یُرِیۡدُ اللّٰہُ لِیُذۡہِبَ عَنۡکُمُ الرِّجۡسَ اَہۡلَ الۡبَیۡتِ وَ یُطَہِّرَکُمۡ تَطۡہِیۡرًا ﴿۳۳﴾
Wa qarna fiee boe yoe tiekoenna wa laa tabarradjna tabarroedjal djaahielieyyatiel oelaa wa aqiemnas Salaata wa aaatieenaz Zakaata wa atie'nal laaha wa Rasoelah; iennamaa yoerieedoel laahoe lieyoezhieba 'an-koemoer riedjsa Ahlal Baytie wa yoetahhierakoem tathieeraa
33:33 Blijf in jullie huizen en stel jezelf niet bloot, zoals dat in vroegere tijden in onwetendheid werd gedaan. Onderhoudt het gebed, geef de zakaat en wees Allah en Zijn boodschapper gehoorzaam. O mensen van het huis! Allah wil alleen de onreinheid van jullie weghalen en jullie rein maken.

وَ اذۡکُرۡنَ مَا یُتۡلٰی فِیۡ بُیُوۡتِکُنَّ مِنۡ اٰیٰتِ اللّٰہِ وَ الۡحِکۡمَۃِ ؕ اِنَّ اللّٰہَ کَانَ لَطِیۡفًا خَبِیۡرًا ﴿۴۳﴾
Wazkoerna maa yoetlaa fiee boe yoetiekoenna mien aayaatiel laahie wal Hiekmah; iennal laaha kaana latieefan ghabieera
33:34 En gedenk Allah's verzen, die in jullie huizen worden opgelezen en (ook van) de 'Hikma' (wijsheid, Sunnah). Voorzeker, Allah is Al-Latief (De meest Subtiele. Degene die het meest op de hoogte is van de meest verfijnde details. Zijn acties zijn zo verfijnd en subtiel dat het ons begrip te boven gaat), Al-Ghabier (Degene Die alles kent, innerlijk en uiterlijk. Hij is Degene die de perfecte kennis en begrip heeft over de werkelijke toestand, de interne kwaliteiten en de betekenissen van alles wat geschapen is).

اِنَّ الۡمُسۡلِمِیۡنَ وَ الۡمُسۡلِمٰتِ وَ الۡمُؤۡمِنِیۡنَ وَ الۡمُؤۡمِنٰتِ وَ الۡقٰنِتِیۡنَ وَ الۡقٰنِتٰتِ وَ الصّٰدِقِیۡنَ وَ الصّٰدِقٰتِ وَ الصّٰبِرِیۡنَ وَ الصّٰبِرٰتِ وَ الۡخٰشِعِیۡنَ وَ الۡخٰشِعٰتِ وَ الۡمُتَصَدِّقِیۡنَ وَ الۡمُتَصَدِّقٰتِ وَ الصَّآئِمِیۡنَ وَ الصّٰٓئِمٰتِ وَ الۡحٰفِظِیۡنَ فُرُوۡجَہُمۡ وَ الۡحٰفِظٰتِ وَ الذّٰکِرِیۡنَ اللّٰہَ کَثِیۡرًا وَّ الذّٰکِرٰتِ ۙ اَعَدَّ اللّٰہُ لَہُمۡ مَّغۡفِرَۃً وَّ اَجۡرًا عَظِیۡمًا ﴿۵۳﴾
Innal moesliemieena wal moesliemaatie wal moe'mienieena wal moe'mienaatie walqaanietieena walqaanietaatie wassaadieqieena wassaadieqaatie wassaabierieena wassaabieraatie walghaashie'ieena walghaashie'aatie walmoetasaddieqieena walmoetasaddieqaatie wassaaa'iemieena wassaaa'iemaatie walhaafiezieena foeroedjahoem walhaafiezaatie waz zaakierieenal laaha kasieeraw waz zaakieraatie a'addal laahoe lahoem maghfierataw wa adjran 'azieemaa
33:35 Voor de moslim mannen en vrouwen, voor de gelovige mannen en vrouwen, voor de gehoorzame mannen en vrouwen, voor de oprechte mannen en vrouwen, voor de geduldige mannen en vrouwen, voor de nederige mannen en vrouwen, voor de mannen en vrouwen die uitgeven op basis van liefdadigheid, voor de mannen en vrouwen die vasten, voor de mannen en vrouwen die over hun kuisheid waken, en voor de mannen en de vrouwen die Allah veelvuldig gedenken, voor hen heeft Allah vergeving en een grote beloning klaargezet. (Notitie: wat betreft de aanbidding van Allah, zijn vrouwen en mannen gelijk.)

وَ مَا کَانَ لِمُؤۡمِنٍ وَّ لَا مُؤۡمِنَۃٍ اِذَا قَضَی اللّٰہُ وَ رَسُوۡلُہٗۤ اَمۡرًا اَنۡ یَّکُوۡنَ لَہُمُ الۡخِیَرَۃُ مِنۡ اَمۡرِہِمۡ ؕ وَ مَنۡ یَّعۡصِ اللّٰہَ وَ رَسُوۡلَہٗ فَقَدۡ ضَلَّ ضَلٰلًا مُّبِیۡنًا ﴿۶۳﴾
Wa maa kaana liemoe'mieniew wa laa moe'mienatien iezaa qadal laahoe wa Rasoeloehoeo amran ay yakoena lahoemoel ghieyaratoe mien amriehiem; wa may ya'siel laaha wa Rasoelahoe faqad dalla dalaalam moebieenaa
33:36 Het is niet voor een gelovige man of vrouw om een vrije keuze te hebben met betrekking tot hun zaak, nadat Allah en Zijn boodschapper een besluit erover hebben gemaakt. En wie Allah en Zijn boodschapper ongehoorzaamt, waarlijk hij dwaalt in een duidelijke fout. (Notitie: deze vers werd geopenbaard m.b.t. het aangaan van het huwelijk tussen Zaid, de geadopteerde zoon van de profeet Mohammed v.z.m.h, en Zainab).

وَ اِذۡ تَقُوۡلُ لِلَّذِیۡۤ اَنۡعَمَ اللّٰہُ عَلَیۡہِ وَ اَنۡعَمۡتَ عَلَیۡہِ اَمۡسِکۡ عَلَیۡکَ زَوۡجَکَ وَ اتَّقِ اللّٰہَ وَ تُخۡفِیۡ فِیۡ نَفۡسِکَ مَا اللّٰہُ مُبۡدِیۡہِ وَ تَخۡشَی النَّاسَ ۚ وَ اللّٰہُ اَحَقُّ اَنۡ تَخۡشٰہُ ؕ فَلَمَّا قَضٰی زَیۡدٌ مِّنۡہَا وَطَرًا زَوَّجۡنٰکَہَا لِکَیۡ لَا یَکُوۡنَ عَلَی الۡمُؤۡمِنِیۡنَ حَرَجٌ فِیۡۤ اَزۡوَاجِ اَدۡعِیَآئِہِمۡ اِذَا قَضَوۡا مِنۡہُنَّ وَطَرًا ؕ وَ کَانَ اَمۡرُ اللّٰہِ مَفۡعُوۡلًا ﴿۷۳﴾
Wa iez taqoeloe liellazieee an'amal laahoe 'alaihie wa an'amta 'alaihie amsiek 'alaika zawdjaka wattaqiel laaha wa toeghfiee fiee nafsieka mal laahoe moebdieehie wa taghshan naasa wallaahoe ahaqqoe an taghshaah; falammaa qadaa Zaidoem mienhaa wataran zawwadjnaa kahaa liekay laa yakoena 'alal moe'mienieena haradjoen fieee azwaadjie ad'ieyaaa'iehiem iezaa qadaw mienhoenna wataraa; wa kaana amroel laahie maf'oelaa
33:37 Toen jij (Mohammed v.z.m.h.) tot degene (Zaid) aan wie Allah Zijn gunsten heeft gegeven en jij hebt hem ook gunsten gegeven, zei: "Behoud jouw vrouw en vrees Allah." Echter jij (Momhammed v.z.m.h.) verborg in jezelf datgeen wat Allah zou openbaren. Jij vreesde de mensen, terwijl jij Allah meer vrezen. Dus toen Zaid totaal geen interesse meer in haar had, huwde Wij haar met jou, zodat er voor de gelovigen geen ongemak is met betrekking tot (het huwen van) gescheide vrouwen van geadopteerde zonen. Het bevel van Allah is uitgevoerd. (Notitie: Zaid wilde scheide van zijn vrouw Zainab. Echter de profeet Mohammed v.z.m.h. gebood Zaid om het huwelijk in stand te houden o.a. vanwege de sociale druk op Hem en zijn naasten. De profeet wist namelijk dat Allah hem zou huwen met Zainab nadat Zaid van haar zou scheiden. Het was Allah die profeet Mohammed v.z.m.h. met Zainab huwde om te laten zien dat het huwen van gescheide vrouwen van geadopteerde zonen geoorloofd is.)

مَا کَانَ عَلَی النَّبِیِّ مِنۡ حَرَجٍ فِیۡمَا فَرَضَ اللّٰہُ لَہٗ ؕ سُنَّۃَ اللّٰہِ فِی الَّذِیۡنَ خَلَوۡا مِنۡ قَبۡلُ ؕ وَ کَانَ اَمۡرُ اللّٰہِ قَدَرًا مَّقۡدُوۡرَۨا ﴿۸۳﴾
Maa kaana 'alan nabieyyyie mien haradjien fieemaa faradal laahoe lahoe soennatal laahie fiel lazieena ghalaw mien qabl; wa kaana amroel laahie qadaram maqdoeraa
33:38 Er kan geen enkel ongemak voor de profeet (Mohammed v.z.m.h.) zijn door wat Allah op hem heeft oplegd. Dat was (ook) de handelwijze van Allah op degenen (van de profeten) die zijn heen gegaan. Het bevel van Allah is een voorbestemd besluit.

الَّذِیۡنَ یُبَلِّغُوۡنَ رِسٰلٰتِ اللّٰہِ وَ یَخۡشَوۡنَہٗ وَ لَا یَخۡشَوۡنَ اَحَدًا اِلَّا اللّٰہَ ؕ وَ کَفٰی بِاللّٰہِ حَسِیۡبًا ﴿۹۳﴾
Allazieena yoeballieghoena Riesaalaatiel laahie wa yaghshaw nahoe wa laa yakghshawna ahadan iellal laah; wa kafaa biellaahie Hasieebaa
33:39 Degenen die de boodschap van Allah overbrengen en Hem vrezen, vrezen niemand behalve Allah. Allah is voldoende als een boekhouder\rekenaar (van het bijhouden van daden).

مَا کَانَ مُحَمَّدٌ اَبَاۤ اَحَدٍ مِّنۡ رِّجَالِکُمۡ وَ لٰکِنۡ رَّسُوۡلَ اللّٰہِ وَ خَاتَمَ النَّبِیّٖنَ ؕ وَ کَانَ اللّٰہُ بِکُلِّ شَیۡءٍ عَلِیۡمًا ﴿۰۴﴾
Maa kaana Moehammmadoen abaaa ahadiem mier riedjaaliekoem wa laakier Rasoelal laahie wa ghaataman Nabieyyieen; wa kaanal laahoe biekoellie shai'ien 'Alieema
33:40 Mohammed (v.z.m.h.) is niet de vader van een man van jullie, maar hij is de boodschapper van Allah en de laatste van de profeten. Allah is over alles Aliem (Alwetend). (Notitie: Ayah nummer is 40. Op zijn 40ste heeft hij de verkonding gehad en was toen pas de boodschapper van Allah )

یٰۤاَیُّہَاالَّذِیۡنَ اٰمَنُوا اذۡکُرُوا اللّٰہَ ذِکۡرًا کَثِیۡرًا﴿۱۴﴾
Yaaa aiyoehal lazieena aamanoez koeroel laaha ziekran kasieera
33:41 O gelovigen! Gedenk Allah vaak.

وَّ سَبِّحُوۡہُ بُکۡرَۃً وَّ اَصِیۡلًا ﴿۲۴﴾
Wa sabbiehoehoe boekrataw wa asieela
33:42 Betuig Hem dank, eer en prijs zijn grootheid\perfectie in de ochtend en avond.

ہُوَ الَّذِیۡ یُصَلِّیۡ عَلَیۡکُمۡ وَ مَلٰٓئِکَتُہٗ لِیُخۡرِجَکُمۡ مِّنَ الظُّلُمٰتِ اِلَی النُّوۡرِ ؕ وَ کَانَ بِالۡمُؤۡمِنِیۡنَ رَحِیۡمًا ﴿۳۴﴾
Hoewal laziee yoesalliee 'alaikoem wa malaaa'iekatoehoe lieyoeghriedjakoem mienazzoeloemaatie ielan-noer wa kaana bielmoe'mienieena Rahieemaa
33:43 Hij is degene die Zijn zegeningen op jullie zendt en Zijn engelen (vragen dat ook voor jullie, zie 33:56). Zodat Hij jullie uit het duisternis naar het licht kan brengen. Hij is 'Rahiem' (zeer Barmhartig naar gelovigen toe).

تَحِیَّتُہُمۡ یَوۡمَ یَلۡقَوۡنَہٗ سَلٰمٌ ۖۚ وَ اَعَدَّ لَہُمۡ اَجۡرًا کَرِیۡمًا ﴿۴۴﴾
Tahieyyatoehoem Yawma yalqawnahoe salaamoew wa a'adda lahoem adjran karieemaa
33:44 Op de dag (des oordeels) dat ze Hem (Allah) zullen ontmoeten, zullen ze begroet worden (door Allah) met: "Selaam" (Vrede). Hij heeft voor hen een eervolle beloning klaar gezet. (Notitie: zie ook 36:58.)

یٰۤاَیُّہَا النَّبِیُّ اِنَّاۤ اَرۡسَلۡنٰکَ شَاہِدًا وَّ مُبَشِّرًا وَّ نَذِیۡرًا ﴿۵۴﴾
Yaaa aiyoehan Nabieyyoe iennaaa arsalnaaka shaahiedaw wa moebashshieraw wa nazieeraa
33:45 O profeet! Wij hebben jou gestuurd als een getuige (zowel voor de ongelovige als voor de gelovige m.b.t. de Koran/boodschap), en als een brenger van goed nieuws (het paradijs) en als een waarschuwer (voor de straf), (Notitie: zie ook 2:143, 4:41 en 5:117 m.b.t. de getuige van profeet Mohammed v.z.m.h.)

وَّ دَاعِیًا اِلَی اللّٰہِ بِاِذۡنِہٖ وَ سِرَاجًا مُّنِیۡرًا ﴿۶۴﴾
Wa daa'ieyan ielal laahie bie iezniehiee wa sieraadjam moenieeraa
33:46 en als iemand die door Zijn gebod naar Allah roept (leider), en als een verlichtend lamp (verrichter van goede daden, zie 24:35).

وَ بَشِّرِ الۡمُؤۡمِنِیۡنَ بِاَنَّ لَہُمۡ مِّنَ اللّٰہِ فَضۡلًا کَبِیۡرًا ﴿۷۴﴾
Wa bashshieriel moe'mienieena bie annna lahoem mienal laahie fadlan kabieera
33:47 Geef aan de gelovigen het goede nieuws dat er voor hen een grote extra beloning/bonus van Allah is.

وَ لَا تُطِعِ الۡکٰفِرِیۡنَ وَ الۡمُنٰفِقِیۡنَ وَ دَعۡ اَذٰىہُمۡ وَ تَوَکَّلۡ عَلَی اللّٰہِ ؕ وَ کَفٰی بِاللّٰہِ وَکِیۡلًا ﴿۸۴﴾
Wa laa toetie'iel kaafierieena walmoenaafieqieena wa da'azaahoem wa tawakkal 'alallaah; wa kafaa biellaahie Wakieelaa
33:48 En wees niet gehoorzaam aan de ongelovigen en de hypocrieten. Negeer hun kwetsing/de ergenis die ze veroorzaken en stel je vertrouwen in Allah. Allah is voldoende om alle zaken te regelen.

یٰۤاَیُّہَا الَّذِیۡنَ اٰمَنُوۡۤا اِذَا نَکَحۡتُمُ الۡمُؤۡمِنٰتِ ثُمَّ طَلَّقۡتُمُوۡہُنَّ مِنۡ قَبۡلِ اَنۡ تَمَسُّوۡہُنَّ فَمَا لَکُمۡ عَلَیۡہِنَّ مِنۡ عِدَّۃٍ تَعۡتَدُّوۡنَہَا ۚ فَمَتِّعُوۡہُنَّ وَ سَرِّحُوۡہُنَّ سَرَاحًا جَمِیۡلًا ﴿۹۴﴾
Yaaa aiyoehal lazieena aamanoeo iezaa nakahtoemoel moe'mienaatie soemma tallaqtoe moehoenna mien qablie an tamas soehoenna famaa lakoem 'alaihienna mien 'ieddatien ta'taddoenahaa famattie'oehoenna wa sarrie hoehoenna saraahan djamieelaa
33:49 O gelovigen! Wanneer je gelovigen vrouwen huwt en daarna van hen scheidt nog voordat jullie geslachtsgemeenschap hebben gehad, dan rust er op hen geen wachtperiode (m.b.t. de scheiding). Schenk hen iets en laat hen op een goede manier gaan.

یٰۤاَیُّہَا النَّبِیُّ اِنَّاۤ اَحۡلَلۡنَا لَکَ اَزۡوَاجَکَ الّٰتِیۡۤ اٰتَیۡتَ اُجُوۡرَہُنَّ وَ مَا مَلَکَتۡ یَمِیۡنُکَ مِمَّاۤ اَفَآءَ اللّٰہُ عَلَیۡکَ وَ بَنٰتِ عَمِّکَ وَ بَنٰتِ عَمّٰتِکَ وَ بَنٰتِ خَالِکَ وَ بَنٰتِ خٰلٰتِکَ الّٰتِیۡ ہَاجَرۡنَ مَعَکَ ۫ وَ امۡرَاَۃً مُّؤۡمِنَۃً اِنۡ وَّہَبَتۡ نَفۡسَہَا لِلنَّبِیِّ اِنۡ اَرَادَ النَّبِیُّ اَنۡ یَّسۡتَنۡکِحَہَا ٭ خَالِصَۃً لَّکَ مِنۡ دُوۡنِ الۡمُؤۡمِنِیۡنَ ؕ قَدۡ عَلِمۡنَا مَا فَرَضۡنَا عَلَیۡہِمۡ فِیۡۤ اَزۡوَاجِہِمۡ وَ مَا مَلَکَتۡ اَیۡمَانُہُمۡ لِکَیۡلَا یَکُوۡنَ عَلَیۡکَ حَرَجٌ ؕ وَ کَانَ اللّٰہُ غَفُوۡرًا رَّحِیۡمًا ﴿۰۵﴾
Yaaa aiyoehan Nabieyyoe iennaaa ahlalnaa laka azwaa djakal laatiee aataiyta oedjoera hoenna wa maa malakat yamieenoeka miemmaaa afaaa'al laahoe 'alaika wa banaatie 'ammieka wa banaatie 'ammaatieka wa banaatie ghaalieka wa banaatie ghaalaa tiekal laatiee haadjarna ma'aka wamra' atan moe'mienatan iew wahabat nafsahaa lien Nabieyyie ien araadan Nabieyyoe ay yastan kiehahaa ghaaliesatan laka mien doeniel moe'mienieen; qad 'aliemnaa maa faradnaa 'alaihiem fieee azwaadjiehiem wa maa malakat aimaanoehoem lie kailaa yakoena 'alaika haradj; wa kaanal laahoe Ghafoerar Rahieema
33:50 O profeet, Wij hebben jouw vrouwen aan wie je hun bruidsschat hebt betaald, voor jou wettig gemaakt (om ermee te blijven). En (ook) jouw slavinnen die Allah aan jou heeft gegeven (door bijvoorbeeld krijgsgevangenen). En (ook) de dochters van jouw ooms en tantes van zowel jouw vaderskant als van jouw moederskant die met jou zijn geëmigreerd (vanuit Mekka). En (ook) een gelovige vrouw die zich zelf aan de profeet aanbiedt, indien de profeet met haar wil trouwen. Dit alles is alleen van toepassing op jou (Mohammed v.z.m.h.) en niet op de gelovigen. Waarlijk, Wij zijn bewust van de bepalingen die Wij op hen (de gelovigen) hebben gelegd met betrekking tot (het huwen van) hun vrouwen en hun slavinnen. (Wij hebben dit geopenbaard) zodat er geen ongemak op jou (Mohammed v.z.m.h.) zou zijn. Allah is Gafoer (de meest Vergevensgezinde), Ar-Rahiem (zeer Barmhartig naar gelovigen toe).

تُرۡجِیۡ مَنۡ تَشَآءُ مِنۡہُنَّ وَ تُــٔۡوِیۡۤ اِلَیۡکَ مَنۡ تَشَآءُ ؕ وَ مَنِ ابۡتَغَیۡتَ مِمَّنۡ عَزَلۡتَ فَلَا جُنَاحَ عَلَیۡکَ ؕ ذٰلِکَ اَدۡنٰۤی اَنۡ تَقَرَّ اَعۡیُنُہُنَّ وَ لَا یَحۡزَنَّ وَ یَرۡضَیۡنَ بِمَاۤ اٰتَیۡتَہُنَّ کُلُّہُنَّ ؕ وَ اللّٰہُ یَعۡلَمُ مَا فِیۡ قُلُوۡبِکُمۡ ؕ وَ کَانَ اللّٰہُ عَلِیۡمًا حَلِیۡمًا ﴿۱۵﴾
Toerdjiee man tashaaa'oe mienhoenna wa toe'wieee ielaika man tashaaa'oe wa maniebta ghaita miemman 'azalta falaa djoenaaha 'alaik; zaalieka adnaaa an taqarra a'yoenoehoenna wa laa yahzanna wa yardaina biemaa aataitahoenna koelloehoenn; wal laahoe ya'lamoe maa fiee qoeloe biekoem; wa kaanal laahoe 'Alieeman halieemaa
33:51 Jij mag de tijd die je doorbrengt met iemand van hen uitstellen of doorbrengen met wie van hen je wil. En als je met iemand van hen samen de tijd wenst door te brengen nadat je haar eerder uitstel had gegeven, dan rust er geen schuld op jou (om dan samen de tijd met haar door te brengen). Dat is beter zodat ze getroost worden en niet bedroefd zijn en allen tevreden zijn met datgeen wat jij hen hebt gegeven. En Allah weet wat in jullie harten is, Allah is (namelijk) Al-Aliem (Alwetend), Al-Haliem (de meest Verdraagzame).

لَا یَحِلُّ لَکَ النِّسَآءُ مِنۡۢ بَعۡدُ وَ لَاۤ اَنۡ تَبَدَّلَ بِہِنَّ مِنۡ اَزۡوَاجٍ وَّ لَوۡ اَعۡجَبَکَ حُسۡنُہُنَّ اِلَّا مَا مَلَکَتۡ یَمِیۡنُکَ ؕ وَ کَانَ اللّٰہُ عَلٰی کُلِّ شَیۡءٍ رَّقِیۡبًا ﴿۲۵﴾
Laa yahielloe lakan niesaaa'oe miem ba'doe wa laaa an tabaddala biehienna mien azwaadjiew wa law adjabaka hoesnoehoenna iellaa maa malakat yamieenoekk; wa kaanal laahoe 'alaa koellie shai'ier Raqieeba
33:52 Hierna is het niet meer toegestaan voor jou om met (andere) vrouwen te trouwen of hen te vervangen door andere vrouwen. Zelfs als hun schoonheid jou behaagt, behalve als het een slavin betreft waarover je beschikt. En Allah is over alles Ar-Rakieb (Degene die over alles waakt).

یٰۤاَیُّہَا الَّذِیۡنَ اٰمَنُوۡا لَا تَدۡخُلُوۡا بُیُوۡتَ النَّبِیِّ اِلَّاۤ اَنۡ یُّؤۡذَنَ لَکُمۡ اِلٰی طَعَامٍ غَیۡرَ نٰظِرِیۡنَ اِنٰىہُ ۙ وَ لٰکِنۡ اِذَا دُعِیۡتُمۡ فَادۡخُلُوۡا فَاِذَا طَعِمۡتُمۡ فَانۡتَشِرُوۡا وَ لَا مُسۡتَاۡنِسِیۡنَ لِحَدِیۡثٍ ؕ اِنَّ ذٰلِکُمۡ کَانَ یُؤۡذِی النَّبِیَّ فَیَسۡتَحۡیٖ مِنۡکُمۡ ۫ وَ اللّٰہُ لَا یَسۡتَحۡیٖ مِنَ الۡحَقِّ ؕ وَ اِذَا سَاَلۡتُمُوۡہُنَّ مَتَاعًا فَسۡـَٔلُوۡہُنَّ مِنۡ وَّرَآءِ حِجَابٍ ؕ ذٰلِکُمۡ اَطۡہَرُ لِقُلُوۡبِکُمۡ وَ قُلُوۡبِہِنَّ ؕ وَ مَا کَانَ لَکُمۡ اَنۡ تُؤۡذُوۡا رَسُوۡلَ اللّٰہِ وَ لَاۤ اَنۡ تَنۡکِحُوۡۤا اَزۡوَاجَہٗ مِنۡۢ بَعۡدِہٖۤ اَبَدًا ؕ اِنَّ ذٰلِکُمۡ کَانَ عِنۡدَ اللّٰہِ عَظِیۡمًا﴿۳۵﴾
Yaaa aiyoehal lazieena aamanoe laa tadghoeloe boe yoetan Nabieyyie iellaaa ay yoe'zana lakoem ielaa ta'aamien ghaira naazierieena ienaahoe wa laakien iezaa doe'ieetoem fadghoeloe fa iezaa ta'iemtoem fantashieroe wa laa moestaaniesieena liehadiees; ienna zaaliekoem kaana yoe'zien Nabieyya fa yastahyiee mien-koem wallaahoe laa yastahyiee mienal haqq; wa iezaa sa altoemoehoenna mataa'an fas'aloehoenna miew waraaa'ie hiedjaab; zaaliekoem atharoe lieqoeloebiekoem wa qoeloebiehienn; wa maa kaana lakoem an toe'zoe Rasoelal laahie wa laaa an tan-kiehoeo azwaadjahoe miem ba'diehieee abadaa; ienna zaaliekoem kaana 'iendal laahie 'azieema
33:53 O gelovigen! Betreed niet de huizen van de profeet. Behalve als er aan jullie toestemming is gegeven voor (het benuttigen van) een maaltijd, zonder ervoor (in zijn huis) af te wachten tijdens de voorbereidingen ervan. Als jullie dus uitgenodigd zijn, betreedt het. Wanneer jullie dan hebben gegeten, verspreidt jullie en wens niet om te blijven voor een gesprek. Voorzeker, het stoort de profeet en hij schaamt zich om jullie weg te sturen. Maar Allah is niet verlegen voor de waarheid. En wanneer jullie hen (de profeet's vrouwen) iets willen vragen, vraag hen dan van achter een 'Hijab' (barrière, dus niet direct zichtbaar). Dat is reiner voor jullie harten en voor hun harten. Jullie mogen de boodschapper van Allah niet kwetsen, noch mogen jullie ooit met zijn vrouwen trouwen. Voorzeker, bij Allah is dat (de overtreding ervan) iets enorm.

اِنۡ تُبۡدُوۡا شَیۡئًا اَوۡ تُخۡفُوۡہُ فَاِنَّ اللّٰہَ کَانَ بِکُلِّ شَیۡءٍ عَلِیۡمًا ﴿۴۵﴾
In toebdoe shai'an aw toeghfoehoe fa iennal laaha kaana biekoellie shai'ien 'Alieemaa
33:54 Het maakt niet uit of jullie iets bekend maken of dat jullie het verbergen. Voorzeker, Allah is Alwetend over alles.

لَا جُنَاحَ عَلَیۡہِنَّ فِیۡۤ اٰبَآئِہِنَّ وَ لَاۤ اَبۡنَآئِہِنَّ وَ لَاۤ اِخۡوَانِہِنَّ وَ لَاۤ اَبۡنَآءِ اِخۡوَانِہِنَّ وَ لَاۤ اَبۡنَآءِ اَخَوٰتِہِنَّ وَ لَا نِسَآئِہِنَّ وَ لَا مَا مَلَکَتۡ اَیۡمَانُہُنَّ ۚ وَ اتَّقِیۡنَ اللّٰہَ ؕ اِنَّ اللّٰہَ کَانَ عَلٰی کُلِّ شَیۡءٍ شَہِیۡدًا ﴿۵۵﴾
Laa djoenaaha 'alaihienna fieee aabaaa'iehienna wa laaa abnaaa'iehienna wa laaa ieghwaaniehiennna wa laaa abnaaa'ie ieghwaaniehienna wa laaa abnaaa'ie aghawaatiehienna wa laa niesaaa'ie hienna wa laa Maa malakat aimaanoehoenn; wattaqieenal laah; iennal laaha kaana 'alaa koellie shai'ien Shahieedaa
33:55 Er rust geen schuld op hen (de profeet's vrouwen) met betrekking tot (het praten of ontmoeten zonder een afscherming met) hun vaders, hun zonen of hun broers, noch met de zonen van hun broers of zusters, noch met hun vrouwen (andere moslima's), en noch met hun slaven. Vrees Allah (m.b.t. jullie kuisheid). Voorzeker, Allah is een Getuige over alles. (Notitie: zie ook 24:31)

اِنَّ اللّٰہَ وَ مَلٰٓئِکَتَہٗ یُصَلُّوۡنَ عَلَی النَّبِیِّ ؕ یٰۤاَیُّہَا الَّذِیۡنَ اٰمَنُوۡا صَلُّوۡا عَلَیۡہِ وَ سَلِّمُوۡا تَسۡلِیۡمًا ﴿۶۵﴾
Innal laaha wa malaaa'ie katahoe yoesalloena 'alan Nabieyy; yaaa aiyoehal lazieena aamanoe salloe 'alaihie wa salliemoe taslieemaa
33:56 Voorzeker, Allah en Zijn engelen "Saloena" (maken contact met \ helpen) de profeet. O gelovigen, "Saloe" (help \ maak contact met) hem en "Saliemoe Taslima" (geef jullie vredig over, zie 4:65) (aan het besluit van Allah). (Notitie: vaak wordt Saloena en saloe vertaald als het verrichten van de vredesgroet op de profeet, echter "Saloena" dus het verrichten van de "Salaat" heeft geen referentie met het woord vrede "Selaam". Het zou Allah te kort aandoen. "Salaat" betekent "contact maken", vaak vertaald als het verrichten van het gebed. In deze vers kan het niet vertaald worden als het verrichten van het gebed, het zou tegen de eigenschappen van Allah gaan en moet dus naar de basis vertaald worden als "contact maken\helpen". Allah maakt contact met ons via Zijn Barmhartigheid. De engelen, die Allah's opdracht uitvoeren, maken contact met ons door middel van smeekbedes te verrichten voor ons. Dit is het enige wat ze kunnen doen, omdat ze geen vrije wil hebben om te handelen. Allah beveelt de gelovigen om de profeet te helpen, dus het leven voor hem makkelijk te maken, goed te spreken over hem, het beste te wensen (o.a. door de vredesgroet) en niet te kwetsen, zie volgende vers.)

اِنَّ الَّذِیۡنَ یُؤۡذُوۡنَ اللّٰہَ وَ رَسُوۡلَہٗ لَعَنَہُمُ اللّٰہُ فِی الدُّنۡیَا وَ الۡاٰخِرَۃِ وَ اَعَدَّ لَہُمۡ عَذَابًا مُّہِیۡنًا ﴿۷۵﴾
Innal lazieena yoe'zoenal laaha wa Rasoelahoe la'anahoemoel laahoe fied doenyaa wal Aaghieratie wa a'adda lahoem 'azaabam moehieenaa
33:57 Voorzeker, degenen die Allah en Zijn profeet kwetsen, (weet dat) Allah hen heeft vervloekt zowel voor het wereldse leven als voor het Hiernamaals. Er is voor hen een vernederende straf klaar gezet. (Notitie: Als iemand vervloekt is door Allah, dan betekent dat degene uitgesloten is van Zijn barmhartigheid, genade en vergeving, zie o.a. 29:23 en 83:15.)

وَ الَّذِیۡنَ یُؤۡذُوۡنَ الۡمُؤۡمِنِیۡنَ وَ الۡمُؤۡمِنٰتِ بِغَیۡرِ مَا اکۡتَسَبُوۡا فَقَدِ احۡتَمَلُوۡا بُہۡتَانًا وَّ اِثۡمًا مُّبِیۡنًا ﴿۸۵﴾
Wallazieena yoe'zoenal moe'mienieena wal moe'mienaatie bieghairie mak tasaboe faqadieh tamaloe boehtaanaw wa iesmam moebieenaa
33:58 En degenen die de gelovige mannen en vrouwen kwetsen voor iets anders dan wat ze verdient hebben, voorzeker ze dragen (de lasten van) een valse beschuldiging en een zeer grote zonde op henzelf.

یٰۤاَیُّہَا النَّبِیُّ قُلۡ لِّاَزۡوَاجِکَ وَ بَنٰتِکَ وَ نِسَآءِ الۡمُؤۡمِنِیۡنَ یُدۡنِیۡنَ عَلَیۡہِنَّ مِنۡ جَلَابِیۡبِہِنَّ ؕ ذٰلِکَ اَدۡنٰۤی اَنۡ یُّعۡرَفۡنَ فَلَا یُؤۡذَیۡنَ ؕ وَ کَانَ اللّٰہُ غَفُوۡرًا رَّحِیۡمًا ﴿۹۵﴾
Yaaa aiyoehan Nabieyyoe qoel lie azwaadjieka wa banaatieka wa niesaaa'iel moe'mienieena yoednieena 'alaihienna mien djalaabiee biehienn; zaalieka adnaaa ay yoe'rafna falaa yoe'zain; wa kaanal laahoe Ghafoerar Rahieemaa
33:59 O profeet! Zeg tegen jouw vrouwen, jouw dochters en de vrouwen van de gelovigen om hun 'Djelaab' (losse overkleding) te dragen. Dat is beter zodat ze herkent worden (als vromen) en niet worden lastig gevallen. Allah is Al-Gafoer (de meest Vergevensgezinde), Ar-Rahiem ((zeer Barmhartig naar gelovigen toe).

لَئِنۡ لَّمۡ یَنۡتَہِ الۡمُنٰفِقُوۡنَ وَ الَّذِیۡنَ فِیۡ قُلُوۡبِہِمۡ مَّرَضٌ وَّ الۡمُرۡجِفُوۡنَ فِی الۡمَدِیۡنَۃِ لَنُغۡرِیَنَّکَ بِہِمۡ ثُمَّ لَا یُجَاوِرُوۡنَکَ فِیۡہَاۤ اِلَّا قَلِیۡلًا ﴿۰۶﴾
La'iel lam yantahiel moenaafieqoena wallazieena fiee qoeloebiehiem maradoew walmoer djiefoena fiel madieenatie lanoeghrie yannaka biehiem soemma laa yoedjaawieroenaka fieehaaa iellaa qalieela
33:60 Als de hypocrieten, en degenen met een ziekte in hun harten, en ook degenen die roddels verspreiden in de stad, niet stoppen (met kwetsen), dan zullen Wij jullie op hen laten jagen. Ze zullen dan geen buren meer van jullie zijn, behalve voor een tijdje.

مَّلۡعُوۡنِیۡنَ ۚۛ اَیۡنَمَا ثُقِفُوۡۤا اُخِذُوۡا وَ قُتِّلُوۡا تَقۡتِیۡلًا ﴿۱۶﴾
Mal'oenieena ainamaa soeqiefoe oeghiezoe wa qoettieloe taqtieelaa
33:61 Ze zullen overal worden vervloekt en ze zullen meedogenloos worden gedood, waar ze ook worden gegrepen.

سُنَّۃَ اللّٰہِ فِی الَّذِیۡنَ خَلَوۡا مِنۡ قَبۡلُ ۚ وَ لَنۡ تَجِدَ لِسُنَّۃِ اللّٰہِ تَبۡدِیۡلًا ﴿۲۶﴾
Soennatal laahie fiel lazieena ghalaw mien qabloe wa lan tadjieda liesoennatiel laahie tabdieelaa
33:62 Dit was ook de weg van Allah voor degene die heen zijn gegaan. Nooit zal je een verandering op de weg van Allah vinden.

یَسۡـَٔلُکَ النَّاسُ عَنِ السَّاعَۃِ ؕ قُلۡ اِنَّمَا عِلۡمُہَا عِنۡدَ اللّٰہِ ؕ وَ مَا یُدۡرِیۡکَ لَعَلَّ السَّاعَۃَ تَکُوۡنُ قَرِیۡبًا ﴿۳۶﴾
Yas'aloekan naasoe 'anies Saa'atie qoel iennamaa 'ielmoehaa 'iendal laah; wa maa yoedrieeka la'allas Saa'ata takoenoe qarieebaa
33:63 Vragen de mensen jou over het uur (de aanvang van de dag des oordeels)? Zeg: "De kennis daarvan is alleen bij Allah. Wat weet jij (O profeet v.z.m.h.) erover, misschien is het uur (voor jou) dichtbij?" (Notitie: Ayah 40, verklaart dat Mohammed v.z.m.h. de boodschapper is van Allah. Dus vanaf dat moment zijn de openbaringen begonnen. Deze Ayah nummer is 63. De profeet Mohammed v.z.m.h. is ook op zijn 63ste levensjaar heen gegaan, wat het einde van de openbaring betekende. Wanneer men heen gaat dan zal de dag des oordeels dichtbij voor die persoon zijn.)

اِنَّ اللّٰہَ لَعَنَ الۡکٰفِرِیۡنَ وَ اَعَدَّ لَہُمۡ سَعِیۡرًا ﴿۴۶﴾
Innal laaha la'anal kaafierieena wa a'adda lahoem sa'ieeraa
33:64 Voorzeker, Allah heeft de ongelovigen vervloekt en een vuur voor hen klaar gezet.

خٰلِدِیۡنَ فِیۡہَاۤ اَبَدًا ۚ لَا یَجِدُوۡنَ وَلِیًّا وَّ لَا نَصِیۡرًا ﴿۵۶﴾
ghaaliedieena fieehaaa abadaa, laa yadjiedoena walieyyaw wa laa nasieeraa
33:65 Ze zullen voor altijd er in blijven. Ze zullen geen enkele beschermer, noch een helper vinden.

یَوۡمَ تُقَلَّبُ وُجُوۡہُہُمۡ فِی النَّارِ یَقُوۡلُوۡنَ یٰلَیۡتَنَاۤ اَطَعۡنَا اللّٰہَ وَ اَطَعۡنَا الرَّسُوۡلَا ﴿۶۶﴾
Yawma toeqallaboe woedjoehoehoem fien Naarie yaqoeloena yaa laitanaaa ata'nal laaha wa ata'nar Rasoelaa
33:66 Op de dag waarop hun gezichten gedraaid zullen worden, zullen ze zeggen: "Hadden we maar Allah en Zijn boodschaper gehoorzaamd." (Notitie: zie ook 21:39 en 17:97 m.b.t. hun gezichten)

وَ قَالُوۡا رَبَّنَاۤ اِنَّاۤ اَطَعۡنَا سَادَتَنَا وَ کُبَرَآءَنَا فَاَضَلُّوۡنَا السَّبِیۡلَا ﴿۷۶﴾
Wa qaaloe Rabbanaaa iennaaa ata'naa saadatanaa wa koebaraaa'anaa fa adalloenas sabieelaa
33:67 En ze zullen zeggen: "Onze Heer! Wij gehoorzaamden onze leiders en onze ouderen. Zij hebben ons misleid van het (rechte) pad." (Notitie: zie ook 43:23 en 5:104)

رَبَّنَاۤ اٰتِہِمۡ ضِعۡفَیۡنِ مِنَ الۡعَذَابِ وَ الۡعَنۡہُمۡ لَعۡنًا کَبِیۡرًا ﴿۸۶﴾
Rabbanaaa aatiehiem die'fai nie mienal 'azaabie wal'anhoem la nan kabieera
33:68 "Onze Heer! Geef hen een dubbele straf en vervloek hen met een zware/gigantische vloek."

یٰۤاَیُّہَا الَّذِیۡنَ اٰمَنُوۡا لَا تَکُوۡنُوۡا کَالَّذِیۡنَ اٰذَوۡا مُوۡسٰی فَبَرَّاَہُ اللّٰہُ مِمَّا قَالُوۡا ؕ وَ کَانَ عِنۡدَ اللّٰہِ وَجِیۡہًا ﴿۹۶﴾
Yaa aiyoehal lazieena aamanoe laa takoenoe kalla zieena aazaw Moesaa fa barra ahoel laahoe miemma qaaloe; wa kaana 'iendal laahie wadjieehaa
33:69 "O gelovigen! Wees niet zoals degenen die Moesa kwetsten. Allah verklaarde hem onschuldig voor datgeen wat ze zeiden. Hij was bij Allah eerwaardig." (Notitie: zie ook 61:5)

یٰۤاَیُّہَا الَّذِیۡنَ اٰمَنُوا اتَّقُوا اللّٰہَ وَ قُوۡلُوۡا قَوۡلًا سَدِیۡدًا ﴿۰۷﴾
Yaaa aiyoehal lazieena aamanoet taqoel laaha wa qoeloe qawlan sadieedaa
33:70 "O gelovigen! Vrees Allah en spreek goede woorden." (Notitie: Zie ook 4:9, dus niet roddelen, geen scheldwoorden, geen vernederende woorden, etc.)

یُّصۡلِحۡ لَکُمۡ اَعۡمَالَکُمۡ وَ یَغۡفِرۡ لَکُمۡ ذُنُوۡبَکُمۡ ؕ وَ مَنۡ یُّطِعِ اللّٰہَ وَ رَسُوۡلَہٗ فَقَدۡ فَازَ فَوۡزًا عَظِیۡمًا ﴿۱۷﴾
Yoeslieh lakoem a'maalakoem wa yaghfier lakoem zoenoebakoem; wa may yoetie'iel laaha wa Rasoelahoe faqad faaza fawzan 'azieemaa
33:71 Hij zal jullie leiden tot het verrichten van goede daden en jullie zonden vergeven. Degene die Allah en Zijn boodschapper gehoorzaamt, waarlijk hij heeft een grote succes behaald.

اِنَّا عَرَضۡنَا الۡاَمَانَۃَ عَلَی السَّمٰوٰتِ وَ الۡاَرۡضِ وَ الۡجِبَالِ فَاَبَیۡنَ اَنۡ یَّحۡمِلۡنَہَا وَ اَشۡفَقۡنَ مِنۡہَا وَ حَمَلَہَا الۡاِنۡسَانُ ؕ اِنَّہٗ کَانَ ظَلُوۡمًا جَہُوۡلًا ﴿۲۷﴾
Innaa 'aradnal amaanata 'alas samaawaatie walardie wal djiebaalie fa abaina ay yahmiel nahaa wa ashfaqna mienhaa wa hamalahal iensaanoe iennahoe kaana zaloeman djahoelaa
33:72 Voorzeker, Wij hebben de 'Amanah' (de mogelijkheid van vrije keuze buiten de wetten die Allah heeft opgelegd) aan de hemelen, de aarde en de bergen aangeboden. Echter, ze weigerden om het te dragen, ze vreesden ervoor. Maar de mens heeft het (de 'Amanah') opzich genomen. Voorzeker, hij was onrechtvaardig (voor zichzelf) en onwetend (van het resultaat).

لِّیُعَذِّبَ اللّٰہُ الۡمُنٰفِقِیۡنَ وَ الۡمُنٰفِقٰتِ وَ الۡمُشۡرِکِیۡنَ وَ الۡمُشۡرِکٰتِ وَ یَتُوۡبَ اللّٰہُ عَلَی الۡمُؤۡمِنِیۡنَ وَ الۡمُؤۡمِنٰتِ ؕ وَ کَانَ اللّٰہُ غَفُوۡرًا رَّحِیۡمًا ﴿۳۷﴾
Lieyoe 'azziebal laahoel moenaafieqieena wal moenaafieqaatie walmoeshriekieena wal moeshriekaatie wa yatoebal laahoe 'alal moe'mienieena walmoe'mienaat; wa kaanal laahoe Ghafoerar Rahieema
33:73 (Allah heeft het aangeboden) Zodat Allah de mannen en de vrouwen die hypocriet zijn, en de mannen en de vrouwen die goden aanbidden kan straffen. Allah zal zich in barmhartigheid keren tot de gelovige mannen en vrouwen. Allah is Al-Gafoer (de meest Vergevensgezinde), Ar-Rahiem (zeer Barmhartig naar gelovigen toe).


www.heiligekoran.nl